Generic selectors
Exact matches only
Search in title
Search in content
Post Type Selectors

Gerard van den Berg

Een fundamentele jeugdervaring is zijn opleiding tot meubelmaker. “Ik heb het ambacht technisch perfect leren uitoefenen. Onder leiding van buitengewoon ervaren vakmensen heb ik leren schaven en sleutelen aan modellen, en alle mogelijke materialen en productietechnieken moeten uitproberen. Mijn technische kennis vormt een wezenlijke bijdrage aan mijn artistieke creativiteit.”“Ik geniet ervan om als ontwerper mooie dingen te bedenken en die vervolgens als vakkundig vormgever te concretiseren. Daarbij is het fantastisch dat je creaties door veel verschillende mensen uit allerlei culturen worden gewaardeerd. Dat bevestigt je in het idee dat de kwaliteit van een goed ontwerp universeel is.”

Gerard van den Berg: ”Ik weet heel goed hoe mensen zitten en hoe een zitmeubel moet worden gemaakt. Mijn technische kennis vormt een wezenlijke bijdrage aan mijn artistieke creativiteiten.” 

Een zitmeubel ontworpen door Gerard van den Berg is, dus bijvoorbeeld een Gerard van den Berg bank, in alle opzichten het resultaat van ontwerpen en vormgeven. Meubels die bieden waarvoor ze bedoeld zijn, namelijk lekker zitten. Die vanzelfsprekende combinatie van creativiteit en vakmanschap zorgt ervoor dat veel van zijn modellen door een mondiaal publiek worden aangeschaft. Wereldwijd worden zijn modellen verkocht en herkend. Vaak ziet het publiek dat het een Gerard van den Berg fauteuil is. Daarnaast ook natuurlijk een Gerard van den Berg stoel. Dit zijn modellen die echt zijn karakter uiten.
De kunst van ontwerpen is volgens Gerard van den Berg heel zuiver blijven denken. Hij focust op een basisidee en vermijdt de neiging om dat te gaan versieren en te compliceren. ‘Ik probeer de enkelvoudige, pure vorm vast te houden vanaf de eerste schets tot en met de uiteindelijke productie. Een idee wordt er volgens mij niet beter van als je er steeds meer dingetjes aan gaat toevoegen. De kracht zit in de essentie van het uitgangspunt, niet in de opsmuk. Zo gauw je die nodig hebt, ontbreekt er kennelijk iets aan het idee zelf.’